|
Dominica
Portsmouth, dinsdag 20 maart 2007
In alle vroegte passeren we Dominica. Achter dit hoge eiland is het
bijna windstil, dus wordt dit laatste stuk gemotord. De hoge,
dichtbeboste flanken en bergtoppen steken scherp af tegen de strakblauwe
lucht. Wij gaan naar het noorden, naar Portsmouth. Al anderhalve mijl
voor de ankerplek worden we gepraaid. We zijn weer terug in
Hey-man-cool-man-land: felgekleurde houten boot, grote neger. "Welcome
in Dominica!"
Roseau, vrijdag 23 maart 2007
Vandaag gaan we op weg naar de gasfabriek, want niemand wil onze gastank
vullen. Die is aan de andere kant van het eiland. Het geeft ons de kans
Roseau, de hoofdstad van Dominica, te bekijken. We gaan op zoek naar de
bekende busjes die je goedkoop over ieder Caraibisch eiland brengen. Het
minibusje dat we tegenkomen bevat al 9 man, maar volgens de inzittenden
passen we er nog bij. Dat klopt inderdaad, maar ook maar net. Op weg dan
maar. De chauffeur zingt mee op de slow-gospel die opstaat, af en toe
ingevallen door wat passagiers. Het rustige ritme van de muziek wordt
meer dan gecompenseerd door de rijstijl van chauffeur. Het is een soort
laagvliegen langs de afgrond. Als er geremd moet worden, gebeurd dat
gelukkig overtuigend. Hetgeen ook nodig is, want deze (hoofd)weg zit vol
met gaten. In deze bus liggen al een aantal reserve remschijven klaar.
Je moet hier een fortuin kunnen verdienen met de verkoop van
schokbrekers.
De gasfabriek ligt iets van de hoofdweg af
en als de chauffeur dit hoort biedt hij aan om er even langs te rijden.
Dat maakten we eerder mee, je laat de bus je spullen ophalen. Heerlijk
inefficient staan zo 9 man te wachten op het afleveren van onze gasfles.
Niemand wordt er chagerijnig van.
En zo staan we na een uur aan de andere kant van het
eiland in de hoofdstad Roseau voor 2,40 euro p.p. Tijd voor lunch,
denken we, met een lokaal krantje erbij. Dat geeft een aardig inzicht in
wat er speelt. Op de voorpagina maant een minister het
electriciteitsbedrijf beter te worden en anders op te krassen uit
Dominica. We leren dat het ziekenhuis verbouwd wordt met geld van the
people's republic of China. De toon van de krant is een en al braafheid:
een ingezonden brief met de klacht dat de bevolking teveel vervuild; een
standje voor leerlingen die schuttingtaal gebruiken in het bijzijn van
hun ouders. Later leren we dat Labour hier sinds kort aan de macht is en
dat laat zich zien in met wie ze vriendjes zijn. Chavez (Venezuela)
geeft goedkope olie. Castro (Cuba) zendt artsen en verbouwd het
vliegveld.
Portsmouth, zondag 24 maart 2007
Vandaag staat een toeristentochtje op de Indian river op het programma.
Voor dag en douw op, want dan zijn de andere toeristen nog niet wakker
en heb je het rijk voor je alleen. Alle boat boys in hun kleurige boten
hebben bijnamen (vaak naar hun favoriete voedsel, zo heb je Spaghetti,
Ravioli). "Onze" boat boy heet Sea Bird en pikt ons op voor het tochtje.
Hij schuift ons door naar z'n collega die zich voorstelt als "Chicken"
(3x raden wat-ie het liefst eet). Chicken is zo mogelijk nog relaxter
dan z'n andere rasta-collega's en op een tempo dat zelfs voor een
zondagochtend aangenaam is, dobberen we de rivier over. Vogels, vissen,
krabben en leguanen ontsnappen niet aan het oog van onze gids, die
duidelijk niet kippig is. Wijzelf moeten wat langer zoeken, maar het
tempo staat dat ruimschoots toe. Een aangename ochtendtocht.
Morne Diablotin, maandag 25 maart 2007
Om de gezelligheid te bevorderen en tegelijkertijd de prijs te drukken
gaan we met een andere Nederlandse en een Finse boot een dagje het
oerwoud in. Op de kade worden we opgewacht door Winston, de gids en
chauffeur van vandaag. Op het programma staan papagaaien (er zijn twee
unieke soorten in Dominica), oerwoud en een waterval. Op weg naar het
woud, de berg op, stopt onze chauffeur met regelmaat, steekt z'n hoofd
uit het raam, peilt de situatie en besluit dan door te rijden of juist
uit te stappen om ons iets uit te leggen. Zo krijgen we papagaaien te
zien (zij het van een afstand). Het wat onhandige gevlieg is kenmerkend,
de kleuren ook. We leren van de ananas, nootmuskaat & foelie (zelfde
vrucht), papaya's, koffie en de onvermijdelijke bananenboom. Dat laatste
moet ook geproefd worden, en na anderhalf uur zit iedereen vol met
bananen. We ronden dit later nog af met - hoe kan het anders -
bananencake. Een aardige man, onze chauffeur, die uitgebreid voor alles
de tijd neemt. Het Labour-hesje over zijn stoel getuigd ervan dat hij
actief is in de lokale politiek. Volgens hem gebeuren er weer dingen in
Dominica: "Our president says: You, come here! Do this work. Come on,
let's go!", daarbij druk gebarend uit zijn autoraam wijzend in de
leegte. Zo rijden we weer naar beneden en aan het eind gaan we, geheel
ongepland, nog langs een vissersdorpje. Een goed slot van een prima
tochtje.
The Cabrits, dinsdag 27 maart 2007
Eindelijk is het dan zo ver! We mogen samen duiken. De schipper is bezig
met
zijn duikexamen en op de laatste twee duiken kan de schipperse ook mee. We gaan
duiken onder de "Cabrits", in het onderwaternatuurpark. Eenmaal
onderwater probeert de schipper, nu ja, onderwater te blijven
(neutrally bouyant noemen ze dat) - dat moet voor z'n examen - en intussen proberen we
te genieten van de spectaculaire corals en sponges om ons
heen. Naast elkaar, en in tijden van minder goede buoyancy boven
en onder elkaar, genieten we van de omgeving en proberen we intussen
niet al te breed te lachen. (Dat is af te raden met een luchtslang in je
mond). We zijn al aardig verwend wat het onderwaterleven betreft en het
ontbreekt ons aan passend enthousiasme: "Kleuren zijn inderdaad wel mooi
van het koraal. Wel wat weinig vis hier. Hebben we wel eens meer
van gezien.". Onaardig, want het koraal deed wel z'n best. Desalniettemin,
na wat verder gegoochel met compassen, duikflessen en multiple choice is
het begeerde certificaat een feit en kunnen we voortaan meer dan één
minuut onderwater blijven. Op naar verdere duikavonturen!
FOTO'S >
|